Slagerij Van Roessel Waalwijk

Deze locatie maakt deel uit van de route Wet Blue Waalwijk.

In 1845 start de geboren Tilburger Johannes van Roessel een leerlooierij aan de Grotestraat in Waalwijk. Zijn zonen blijken echter meer te voelen voor het slachters- en slagersvak. Zoon Willem begint een bedrijf in Tilburg, waarna Johannes en zijn echtgenote in 1878 besluiten te stoppen met de looierij en ook in Waalwijk een slagerij te openen. Zoon André ontwikkelt zich tot een vaardig “vleeschhouwer en spekslager.”

In 1922 draagt André de slagerij over aan zijn zoon Alphons. Als Alphons tien jaar later plotseling overlijdt, wordt besloten zijn zoon Otto onmiddellijk naar de slagersvakschool te sturen. Hij is nog maar 14 als hij zijn eerste koe slacht.

Otto’s oudste dochter Annek…

Lees meer

Deze locatie maakt deel uit van de route Wet Blue Waalwijk.

In 1845 start de geboren Tilburger Johannes van Roessel een leerlooierij aan de Grotestraat in Waalwijk. Zijn zonen blijken echter meer te voelen voor het slachters- en slagersvak. Zoon Willem begint een bedrijf in Tilburg, waarna Johannes en zijn echtgenote in 1878 besluiten te stoppen met de looierij en ook in Waalwijk een slagerij te openen. Zoon André ontwikkelt zich tot een vaardig “vleeschhouwer en spekslager.”

In 1922 draagt André de slagerij over aan zijn zoon Alphons. Als Alphons tien jaar later plotseling overlijdt, wordt besloten zijn zoon Otto onmiddellijk naar de slagersvakschool te sturen. Hij is nog maar 14 als hij zijn eerste koe slacht.

Otto’s oudste dochter Anneke wordt al op 8-jarige leeftijd bevangen met het “slagersvirus.” In 1973 trouwt zij met Jan van Dun, die dan al enkele jaren in de zaak van haar vader werkt. Als Otto in 1976 overlijdt neemt het paar de zaak over en bouwt die verder uit. Als eerste vrouwelijke slager van Nederland ontvangt Anneke van Dun in 2003 het certificaat “Meesterslager.” In hetzelfde jaar wordt Van Roessel benoemd tot hofleverancier. En ondertussen doet de zesde generatie in de persoon van zoon Dennis van Dun zijn intrede in het bedrijf.

Na enkele verhuizingen keert Van Roessel in 2010 terug naar de straat waar het in 1878 allemaal begon en opent op de huidige locatie een nieuwe eetwinkel.

In 1845 start de geboren Tilburger Johannes van Roessel een leerlooierij aan de Grotestraat in Waalwijk. Zijn zonen blijken echter meer te voelen voor het slachters- en slagersvak. Zoon Willem begint een bedrijf in Tilburg, waarna Johannes en zijn echtgenote in 1878 besluiten te stoppen met de looierij en ook in Waalwijk een slagerij te openen. Zoon André ontwikkelt zich tot een vaardig “vleeschhouwer en spekslager.”

In 1922 draagt André de slagerij over aan zijn zoon Alphons. Als Alphons tien jaar later plotseling overlijdt, wordt besloten zijn zoon Otto onmiddellijk naar de slagersvakschool te sturen. Hij is nog maar 14 als hij zijn eerste koe slacht.

Otto’s oudste dochter Anneke wordt al op 8-jarige leeftijd bevangen met het “slagersvirus.” In 1973 trouwt zij met Jan van Dun, die dan al enkele jaren in de zaak van haar vader werkt. Als Otto in 1976 overlijdt neemt het paar de zaak over en bouwt die verder uit. Als eerste vrouwelijke slager van Nederland ontvangt Anneke van Dun in 2003 het certificaat “Meesterslager.” In hetzelfde jaar wordt Van Roessel benoemd tot hofleverancier. En ondertussen doet de zesde generatie in de persoon van zoon Dennis van Dun zijn intrede in het bedrijf.

Na enkele verhuizingen keert Van Roessel in 2010 terug naar de straat waar het in 1878 allemaal begon en opent op de huidige locatie een nieuwe eetwinkel.

Lees minder

Hier vind je ons